Uit de kast…

By zbrllwp

Een vriend van me is een fervent EHBO-er. Hij vertelde me laatst hoe hij moeite had om een junk, die van de trap van Hoog Catharijne gevallen was, te helpen. Er was nogal wat bloed en tja, je weet maar nooit.
We spraken daarover en kwamen op de ziektes die je kunt oplopen. AIDS natuurlijk, en Hepatitis. Maar ja, hoe kun je dat voorkomen. Je helpt natuurlijk toch en die ziektes komen niet alleen voor bij junks, maar zelfs bij de braafste huisvaders (nou ja, zo braaf zijn die braafste huisvaders dan natuurlijk niet).
Tegen AIDS kun je weinig doen, maar tegen hepatitis kun je je laten vaccineren. En toevallig wist ik dat de GGD in het kader van een landelijke campagne gratis vaccineert. Omdat ik ook een EHBO-diploma heb, besloot ik om mij gratis te laten vaccineren.

Ik belde naar de GGD.
‘Goedenmorgen, ik wil mij graag laten vaccineren tegen hepatitis-B. Ik heb gelezen dat dat gratis kan.’
- ‘Ik verbind u door’.

‘Goedenmorgen, met Anja, wat kan ik voor u doen?’
- ‘Ik wil me graag gratis laten vaccineren tegen hepatitis-B’.
‘Dat kan, waarom wilt u dat graag?’
- ‘Nou, ik ben EHBO’er en ben bang dat ik eventueel besmet kan raken wanneer ik iemand help’.
‘O, dan geef ik u even een ander telefoonnummer.’
- ‘Waarom, ik kan me toch bij u aanmelden?’
‘Nou, niet precies. U belt nu het nummer voor de gratis vaccinatie. Dat is voor risicogroepen, bisexuele en homosexuele mannen en druggebruikers. Maar u kunt zich natuurlijk ook laten vaccineren. Dat gaat alleen via een ander telefoonnummer.’
- ‘Ho ho, u zegt dat dit het nummer voor de gratis vaccinatie is. Is dat andere nummer dan voor een betaalde vaccinatie?’
‘Ja, zoals ik zei. De gratis vaccinatie is voor risicogroepen.’

Nu ben ik soms een snelle denker! Dit ging verkeerd, dat bedacht ik me meteen. Nu moest ik gaan betalen om die junk te kunnen helpen. Misschien dat dat niet nodig was omdat die junk zich gratis had laten vaccineren, maar toch…
- ‘Ik behoor ook tot een risicogroep’, zei ik.
‘Nee’, antwoordde Anja triomfantelijk, ‘U zei net dat u zich wilde vaccineren omdat u EHBO’er bent en dus behoort u niet tot een risicogroep.’
- ‘U vergist zich’, zei ik, ‘ik zei dat wel, maar eigenlijk is dat omdat ik er niet voor uit durf te komen. Maar ik ben dus homosexueel.’

Het was even stil aan de andere kant. Bladerde Anja haar instructies door? En zeiden die instructies dat je, als iemand het toverwoord ‘homosexueel’ noemde hem direct moest accepteren? Ik weet het niet, maar ze zei: ‘Dan kunt u dinsdag om half tien komen voor de vaccinatie.’

We waren wat lacherig geweest. Als er iets op de grond valt niet bukken, had een vriend geadviseerd.
Misschien leer je een leuk iemand kennen, opperde een ander.
In ieder geval meldde ik me wat onwennig die dinsdagochtend aan de balie van de GGD. Mijn werkgever gebeld dat ik een uurtje later zou komen omdat ik naar de huisarts moest. Niet voor iets ernstigs, hoor, had ik er geruststellend aan toegevoegd.
‘Ik kom voor de gratis vaccinatie’, fluisterde ik.
- ‘Gaat u maar zitten, u wordt zo geholpen’, zei de dame van de receptie. Ze wees me naar een vrijwel lege wachtkamer, waar één andere man zat te wachten.
Ik nam plaats aan de overkant. Beetje kinderachtig. Alsof homosexuelen je verkrachten als je naast ze gaat zitten. Het zijn toch ook vaak keurige mensen. Ik begroette hem vriendelijk, maar hij reageerde niet.
Dat zette toch wel weer wat kwaad bloed. Was ik soms geen aantrekkelijke man? Hij was trouwens ook niet het type man waar ik op zou vallen als ik op mannen zou vallen. Zo leuk was hij helemaal niet.
Ik pakte een tijdschrift. Het was de Libelle. Nou ja, dat paste dan weer wel hier, vooroordeelde ik in alle hevigheid.

We zaten met zijn tweetjes in die wachtkamer. De stilte werd wat beklemmend. Die rotnicht keek me soms wat taxerend aan om dan verder te bladeren in zijn tijdschrift. Die ging over motoren. Kennelijk was hij een mannetje. Uit voorzorg legde ik mijn Libelle weer weg.

Het werd kwart voor tien. Het werd tien uur. Om tien over tien werd het me toch te gortig. Ik liep naar de dame van de receptie.
‘Kunt u me zeggen hoe lang het gaat duren’, vroeg ik.
De dame pakte de telefoon en begon te bellen. Ze werd een aantal malen doorverbonden, maar zonder resultaat.
- ‘Ik kan niemand bereiken’, zei ze.
‘Ja maar ik moet naar mijn werk’, zei ik. ‘Ik wil toch wel graag gevaccineerd worden.’
- Ik kan u echt niet zeggen hoe lang het nog gaat duren’, antwoordde ze, ‘de mensen die er over gaan nemen de telefoon niet op’.
‘Nou, dan ga ik maar weer’, zei ik bestraffend. Als er een hepatitis epidemie zou ontstaan dan was dit toch mooi wel de schuld van de laxe houding van de GGD.
De dame van de receptie antwoordde niet. Ik liep dus maar naar de uitgang.
Onderweg keek ik nog even om.

‘Relnicht’, las ik in haar ogen.

Reageer